Tijdskrediet met motief

  • Via het systeem van tijdskrediet kan je als werknemer in de privésector gedurende een bepaalde periode minder of helemaal niet werken om voor iemand te zorgen of om een opleiding te volgen.
  • Verwar echter het tijdskrediet niet met het ouderschapsverlof, het verlof voor medische bijstand,het palliatief verlof of het mantelzorgverlof. Voor die verloven, de zogenaamde ‘thematische’ verloven, bestaan er specifieke voorwaarden en regels.
  • Als u tijdskrediet wilt nemen, moet u daar altijd een van de volgende 6 specifieke motieven voor hebben.

 

    1. zorgen voor uw kind(eren) jonger dan 8 jaar
    2. palliatieve zorgen verlenen
    3. zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid
    4. zorgen voor uw gehandicapte kind jonger dan 21 jaar
    5. bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin
    6. een erkende opleiding volgen

 

  • De duur van het tijdskrediet varieert, naargelang van het motief, van 36 tot 51 maanden.

 

    • Voor de eerste 5 motieven, de ‘zorgmotieven’, is de maximumduur 51 maanden.
    • Voor het motief ‘een erkende opleiding volgen’ is de maximumduur beperkt tot 36 maanden.

 

  • Het is niet mogelijk eerst 36 en daarna nog 51 extra maanden op te nemen. 51 maanden tijdskrediet tijdens de hele loopbaan is het absolute maximum. Dat maximum kan over de volledige loopbaan opgebruikt worden voor de verschillende motieven.
  • Afhankelijk van het motief en de gekozen vorm van onderbreking (voltijds, ½ of 1/5) neemt u het tijdskrediet op in periodes van 1 maand, 3 maanden of 6 maanden.
  • Als u tijdskrediet neemt, kunt u ofwel:

 

    • helemaal niet werken: u onderbreekt dus voltijds
    • halftijds werken: u onderbreekt met ½ (als u al minstens ¾ werkt)
    • 4/5 werken: u onderbreekt met 1/5 (als u al voltijds werkt). U kunt dat doen in de vorm van een dag per week of twee halve dagen per week.

 

    • Om recht te hebben op tijdskrediet, moet u in principe minstens 2 jaar bij dezelfde werkgever gewerkt hebben.
    • Vanaf de datum van uw verlofaanvraag tot drie maanden na het einde van uw verlof bent u beschermd tegen ontslag.
    • Indien u een voltijds tijdskrediet aanvraagt, betaalt de werkgever u geen loon tijdens de periode waarin u uw prestaties schorst, aangezien u niet meer voor hem werkt.
    • Vraagt u een halftijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5, dan wordt u door uw werkgever betaald op basis van uw deeltijdse prestaties, dit wil zeggen, naargelang het geval, halftijds of 4/5. Om het bedrag te kennen van uw halftijdse of 4/5 loon, dient u zich te wenden tot uw werkgever.
    • In voorkomend geval kunt u tijdens uw voltijds tijdskrediet, uw halftijds tijdskrediet of uw tijdskrediet 1/5, als vervangingsinkomen, een maandelijkse uitkering krijgen van de RVA.

https://www.rva.be/nl/documentatie/baremas/loopbaanonderbreking-tijdskrediet

  • Redenen voor uitstel zijn onder meer organisatorische behoeften, de continuïteit van het werk en de reële mogelijkheden tot vervanging.
  • In geval van uitstel moet het recht op tijdskrediet ingaan uiterlijk 6 maanden te rekenen vanaf  de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest.
  • Indien u minstens 55 jaar bent en een tijdskrediet 1/5 aanvraagt, is het quotum van de gelijktijdige afwezigheden niet van toepassing
  • Om de continuïteit van de arbeidsorganisatie niet in het gedrang te brengen, kan de werkgever in dat geval het recht op het tijdskrediet 1/5 uitstellen, indien u een sleutelfunctie uitoefent.
  • In geval van uitstel om deze reden moet het recht op tijdskrediet 1/5 ingaan na uiterlijk 12 maanden te rekenen vanaf  de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest.

 

Bij Koninklijk Besluit van 26/01/2023 werden een aantal wijzigingen ingevoerd m.b.t. de uitkeringen in geval van tijdskrediet. De wijzigingen zijn van toepassing op aanvragen die worden ingediend vanaf 01/02/2023.

 

  1. Tijdskrediet met motief voor de zorg van een kind
    • Verlaging van de leeftijdgrens van het kind van 8 naar 5 jaar voor de toekenning van onderbrekingsuitkeringen bij voltijds tijdskrediet. Voor de onderbrekingsuitkeringen bij het 1/5de en 1/2de tijdskrediet blijft de leeftijdsgrens van 8 jaar behouden;
    • Verlaging van de maximumperiode waarvoor onderbrekingsuitkeringen kunnen worden toegekend van 51 naar 48 maanden en dit voor alle opnamevormen (voltijds tijdskrediet, 1/5de en halftijds tijdskrediet).

Dit geldt ook voor tijdskredieten die uiterlijk op 31/01/2023 zijn aangevangen, voor zover de medewerker op 01/02/2023 minder dan 30 maanden tijdskrediet voor de zorg van zijn kind tot de leeftijd van acht jaar heeft opgenomen. 

  • Vanaf 01/06/2023 wordt de anciënniteitsvereiste van tenminste 24 maanden voor de toekenning van onderbrekingsuitkeringen bij tijdskrediet met motief voor de zorg van zijn kind tot de leeftijd van 5/8 jaar opgetrokken naar minstens 36 maanden.

 

  1. Tijdskrediet met motief (alle motieven)

 Voor medewerkers die tijdskrediet met RVA-uitkering willen opnemen, werd een tewerkstellings-voorwaarde ingevoerd:

 

  • Voltijds tijdskrediet: voorafgaande voltijdse tewerkstelling gedurende 12 maanden voorafgaand aan de aanvraag of deeltijds gedurende 24 maanden;
  • Halftijds tijdskrediet: voorafgaande voltijdse tewerkstelling gedurende 12 maanden voorafgaand aan de aanvraag;
  • 4/5e tijdskrediet: geen wijziging (was reeds voltijds gedurende 12 maanden voorafgaand aan de aanvraag).

 

  1. Afschaffing anciënniteitstoeslagen

 De toeslag die aan medewerkers in voltijds of halftijds tijdskrediet werd toegekend in geval van een anciënniteit van minstens 5 jaar bij de werkgever werd afgeschaft.

 De toeslag aan medewerkers van 50 jaar en ouder die een halftijdse, 1/5de of 1/10de loopbaanvermindering opnemen in het kader van een thematisch verlof werd afgeschaft.